Dromen van vrede

“Advent is dromen, dat Jezus zal komen”. Een bekend Adventslied. Het woord “Advent” betekent “komst”. In de Adventstijd verwachten wij de komst van Jezus, zien wij uit naar zijn geboorte, dromen wij van hoe het zal zijn.

Wat is dromen? Dromen is uitzien naar iets, iets aan zien komen, en proberen je er een voorstelling van te maken. Zoals een zwangere vrouw zich een voorstelling probeert te maken van het kindje dat in haar groeit.
In de bijbel vinden we dromen. Deze dromen worden uitgelegd. Als Josef in Egypte is en de farao heeft dromen, dan komt Josef om deze dromen uit te leggen. De nieuwtestamentische Josef krijgt in een droom te horen dat hij samen met Maria en Jezus naar Egypte moet vluchten. Johannes vertelt in het boek Openbaringen over zijn dromen over het nieuwe Jeruzalem. De plaats waar alle tranen zullen worden afgewist. Ook de profeet Jesaja heeft een droom van vrede. In Jesaja 11 lezen we over de wolf die zich neerlegt naast het lam, en een panter die bij een bokje gaat liggen, kalf en leeuw zullen samen in de wei lopen, en een kind zal de hand uitstrekken naar het hol van een adder. Deze dromen zijn beelden, voorstellingen, van Gods goede toekomst. Ze proberen onder woorden te brengen een manier van leven, zoals God dat graag ziet, vol van vrede. Mens en dier staan elkaar niet naar het leven, ze gaan vreedzaam en liefdevol met elkaar om, er is geen angst meer, en geen verdriet. Deze dromen vinden we in de bijbel, om ons te bemoedigen, om het vol te houden. Nu hebben we het moeilijk, nu is er verdriet, maar als we hiervan dromen, dan houden we het uit in het verdriet. We hebben iets om naar uit te kijken, er is punt op de horizon om naar toe te gaan, er is een toekomst. En als gezworen vijanden zoals een wolf en een lam vreedzaam met elkaar om gaan, dan is dat een teken, dat die goede toekomst al een beetje begonnen is.

Deze dromen zijn handreikingen, richtlijnen, ze geven heel duidelijk een bepaalde richting aan. Maar komt een droom ook uit? Zijn de dromen in de bijbel dromen die de toekomst voorspellen? Gaat alles precies en exact zo gebeuren? Het evangelie vertelt ons ook “niemand weet wanneer die dag en dat uur zullen aanbreken”. Dat is het ongemakkelijke van de Adventstijd. Aan de ene kant zien wij uit naar de komst van Jezus, die zien wij héél duidelijk voor ons, dat kindje in die kribbe. Aan de andere kant weten wij niet op welke dag, en op welk uur onze Heer bij ons zal komen. Iemand heeft eens tegen mij gezegd, “die Adventstijd dat is allemaal nep, we weten toch wel dat Jezus geboren is”. Deze persoon bedoelde, we doen met z’n allen net alsof we van niks weten, maar natuurlijk weten we dat Jezus allang gekomen is. We kunnen zeggen: die vier weken van Advent zijn themaweken, het thema van de verwachting staat centraal. De gemeente van Christus leeft van de verwachting. Zij kijkt uit naar Gods goede toekomst. Zij weet in welke richting ze het moet zoeken. Maar tegelijkertijd is het onbekend en kan het op een totaal onverwacht moment komen. De gemeente van Christus verwacht het onverwachte.

De vrouw die zwanger is, probeert zich een voorstelling te maken van haar kindje, maar als het er eenmaal is, dan is toch weer anders dan ze gedacht had. Zo is het ook met de verwachting van de gemeente van Christus. We proberen ons een voorstelling te maken van het Koninkrijk van God. De dromen in de bijbel wijzen ons in welke richting we moeten denken. Maar als het eenmaal zo ver is, zal het toch weer heel anders zijn dan we gedacht hadden. Leven van de verwachting betekent openstaan voor dingen die je totaal niet ziet aankomen. Verwachten betekent incasseren, binnenlaten komen wat er op je af komt. Soms zijn dat moeilijke dingen, en het kunnen ook mooie dingen zijn. Openstaan voor wat er zal gebeuren, openstaan voor wat er op ons afkomt, dat vraagt vertrouwen. Vertrouwen waar in wij oefenen in de adventstijd. Goede Adventstijd gewenst.

Mirjam van Nie