Dankbaarheid

De eerste woensdag van de maand november is in de protestantse traditie “dankdag voor gewas en arbeid”. Wij hebben op die dag geen dienst meer, en evenmin op de tweede woensdag van maart “bidstond voor gewas en arbeid”. In andere streken van ons land, zijn er op die dagen wél diensten.

Toen ik dominee was in Friesland, heb ik gemerkt dat dat de drukst bezochte diensten van het jaar waren. De meeste gemeenteleden waren werkzaam in het boerenbedrijf, of in sectoren daar direct aan verwant. Het is een bedrijf, waar veel mis kan lopen, en waar je afhankelijk bent van onzekere factoren als het weer. Het bidden, aan het begin van het seizoen, en het danken aan het einde van het seizoen, waren dan ook belangrijke momenten. Je vertrouwen stellen op God, die géén onzekere factor is, maar juist de vaste rots onder ons bestaan, is dan van grote waarde. Het is goed om hard te werken, en handen uit de mouwen te steken, maar er blijven zaken waar we géén invloed op uit kunnen oefenen. Zaken die buiten ons zelf liggen. Dan is het mooi te vertrouwen op God, die óók buiten ons zelf ligt, maar wel aan onze kant staat. De opbrengst van de collecte in de dienst van de dankdag voor gewas en arbeid was de grootste van het hele jaar. Als je voor je dagelijks levensonderhoud minder afhankelijk bent van de seizoenen, en van onzekere factoren, dan hebben de biddag en de dankdag niet zo’n ingrijpende betekenis.

Toch is het goed om eens na te denken over het begrip dankbaarheid. Wij leven in een land van grote welvaart. Wij hebben een dak boven ons hoofd, wij hebben iedere dag te eten en te drinken, er is medische zorg, onze kinderen mogen onderwijs ontvangen. Toch zijn er heel veel mensen ontevreden. Ze voelen zich tekort gedaan, hebben geen vertrouwen in de politiek, geen vertrouwen in de medische wetenschap. Er zijn groeperingen, die daar op inspelen en de angst en het wantrouwen groter maken. Hoe kunnen wij daar een antwoord op geven? Wat is daar een tegenstem in? Is het niet zo, dat dankbaarheid een tegenstem is, tegen de ontevredenheid en het wantrouwen? Dankbaarheid is iets dat niet zomaar van zelf naar boven komt, het is iets waarin wij ons zelf kunnen oefenen. In het evangelie Lucas 17:11-19 lezen we over tien melaatsen. Ze roepen naar Jezus “heb medelijden met ons”. Jezus zegt dat ze zich aan de priesters moeten laten zien. Terwijl ze naar de priesters gaan worden ze gereinigd en worden ze genezen. Dan is er één die teruggaat naar Jezus om hem te danken. Eén ziet in aan wie hij deze genezing te danken heeft en wil dat ook laten blijken. Het is een Samaritaan. Jezus zegt “waar zijn de negen anderen? Is er alleen deze vreemdeling?” Jezus zegt “sta op en ga. Je geloof heeft je gered”. Net als bij de barmhartige, is het opnieuw een Samaritaan die ons wijst op het belang van geloof. De dankbaarheid die deze persoon laat zien, wordt direct in verband gelegd met het geloof. Geloof geeft de kracht en inspiratie om niet weg te zakken in ontevredenheid en onverschilligheid, maar om te oefenen in dankbaarheid.

Dankbaarheid oefenen betekent: kijken naar het goede dat er is, kijken naar de dingen, waar een mens gelukkig van wordt, kijken naar waar onze rijkdom in zit. Onze welvaart, niet zomaar aannemen als een vanzelfsprekende zaak, waar we nu eenmaal “recht” op menen te hebben. Maar als een zaak waar we dankbaar voor mogen zijn. Als er lieve mensen om ons heen zijn, als we een familie hebben, waar we veel steun van ondervinden, ook dat is een zaak om dankbaar voor te zijn. Als we in ons leven liefde van anderen mogen ervaren, mogen we daar dankbaar voor zijn.
Oefenen in dankbaarheid, oefenen in niet zomaar alles voor vanzelfsprekend aannemen, maar dankbaar zijn, dat is een manier om je geloof aan anderen te laten zien. Dat is een manier om het leven lichter te maken.

Mirjam van Nie