Water

Komt een gast-van-buiten de zaal binnen waar de synode in vergadering bijeen is. Als hij de gigantische stapels papier ziet die ieder synodelid voor zich op tafel heeft liggen roept hij verontwaardigd uit: "Maar mensen, jullie weten toch wel dat de eerstvolgende zondvloed niet meer met water, maar met papier wordt gedaan?" - Een grap met een kern van waarheid. Ik wilde er altijd nog een keer, als de lezingen over de vloed langs zouden komen, een preek mee beginnen of zo. Maar dat kan niet meer. Het is te laat. In onze kerkelijke vergaderingen, synode of kerkenraad, zitten we tegenwoordig achter laptops of tablets, en als we afspraken moeten maken pakken wij de smartphone. Het vele papier is aan het verdwijnen. Goed voor de bomen in Europa, slecht voor de edelmetalen uit de bodem van Afrika. Maar dat terzijde.


In de afgelopen weken zijn de vloedverhalen uit Genesis gelezen in de kerk, maar ik heb bovenstaand grapje dus niet meer kunnen slijten. Water is voor ons mensen toch meer existentieel dan papier, misschien is dat wel de les om even bij stil te staan. Als Europeanen die regelmatig met orkanen en wateroverlast te maken hebben, lezen we daar gemakkelijk overheen. In de bijbel is water een veel belangrijker thema dan in ons dagelijks leven. Jodendom, christendom, en ook de islam - het zijn religies die voortkomen uit de woestijn. Dan is water essentieel voor leven. Je merkt er iets van als je leest over wetenschappers die onderzoek doen naar mogelijk buitenaards leven: het element waar ze op andere planeten naar zoeken is altijd water. Want zonder water is er geen leven mogelijk.

Hoe zeer water een thema is wordt eigenlijk al duidelijk zodra je begint te lezen in de bijbel. Die begint met, zeg maar, twee scheppingsverhalen. Die beide verhalen hebben een verschillende visie op water. In het eerste verhaal (alles wat vóór Gen. 2,4 staat) is water een dreigende macht, die teruggedrongen moet worden. In het tweede verhaal (ná Gen. 2,4) is water juist heel erg kostbaar. Nodig om de aarde te bevochtigen en het leven van mens en dier en plant mogelijk te maken. Het is dubbel: in te veel water kun je niet óverleven, en zonder water ís er helemaal geen leven. En het paradijs, een utopie, wordt gedacht als van alle kanten omgeven door waterstromen. Iets waar je dus in het gewone leven te weinig van hebt. Water wordt daar een thema waar het ontbreekt.

Veel joodse gebeden hebben het gebed om regen. Regen en zegen liggen eigenlijk niet zo ver uit elkaar (kijk in bv. Deut. 11). Het christendom kent, en dat is zo gezien eigenlijk vreemd, in het Onze Vader wel het gebed om dagelijks brood, maar niet om water. Terwijl een mens langer zonder eten dan zonder drinken kan.

Ook bij de doop, in de kern een reinigingsritueel, zouden we eigenlijk mee moeten bedenken dat water een kostbaar goed is. Die paar druppels die er in ons gebruik van over zijn, laten dat niet meer zo zien, maar vanouds gebeurde dopen door onderdompelen. Door de doop wordt je een nieuw mens, zeggen veel teksten in de bijbel. Ook dat kun je je beter voorstellen als je weet dat water kostbaar is. Als je elke morgen heel vanzelfsprekend onder de douche gaat staan ben je je daar waarschijnlijk minder van bewust. Hoewel: wie de afgelopen maanden in Zuid-Afrika is geweest heeft er misschien nog iets van gemerkt. Water om te douchen op rantsoen, hoorde ik mensen vertellen.

Ik weet niet hoe warm de zomer gaat worden. Maar misschien kunt u er even aan denken als u een slok water neemt: een kostbaar goed. Je wordt er een nieuw mens van.

Jan-Hendrik Kip